Peter van Heijst


De start van iets moois


Het is het eind van de middag in Hoogerheide. Op de gang hoor je het geluid van vertrekkende studenten. Er klinkt geroep over toetsen en opdrachten. De Aircraft Maintenance & Training School loopt uit. Veel van de langslopende studenten zullen de man in de kantine niet herkennen, terwijl hij wel degene is die er mede voor zorgde dat hun opleiding, hun school, bleef voortbestaan toen die dreigde te sluiten. De eenenzestigjarige Peter van Heijst vertelt over zijn visie op onderwijs in het algemeen en die opleidingen op de AM&TS in het bijzonder.


“Ik heb ongeveer vijftien jaar gewerkt als vliegtuigonderhoudstechnicus en grondwerktuigkundige,” vertelt Peter. “Daarna werkte ik op de kwaliteitsafdeling van Fokker Woensdrecht om in 1999 te beginnen om de Part 147 binnen te halen. Vijf jaar later lukte dat. Toen we in 2009 overgingen van de Fokker bedrijfsschool naar ROC West-Brabant, is het gelukt om die Part 147-erkenning te behouden.“


Geen trots, maar passie

Van Heijst klinkt niet pocherig, integendeel: alles vertelt hij vanuit zijn passie voor de luchtvaart en de opleidingen die hij zo hoog in het vaandel heeft. “Luchtvaart technisch onderwijs is zo bijzonder, omdat de techniek zo bijzonder is. Zodra een vliegtuig opstijgt en z’n onderstel heeft ingetrokken, is het helemaal solitair. Alles wat daarbinnen gebeurt, moet daarbinnen opgelost worden. Alles wat je doet, moet goed zijn, overdacht zijn, beheerst zijn.”

Zijns inziens is dat verantwoordelijkheidsgevoel misschien nog wel het meest belangrijk wat studenten hier leren. “Bovenal moeten leerlingen de school verlaten met de kennis van wat ze kennen en kunnen en wat ze níét kennen en kunnen. En waar ze niet met de handjes aan moeten zitten. Dat ze met twee benen op de grond staan en sterk genoeg zijn om hetgeen er in het veld gebeurt te kunnen weerstaan. Een grondwerktuigkundige die aan een vliegtuig werkt, zit altijd met een piloot hijgend in z’n nek, want die piloot roept: ‘Is het nou nog niet klaar?’ En is het niet de piloot, dan is het wel de eigenaar of de operator van het vliegtuig die die mannen toch willens en wetens onder druk zet, omdat het aan de grond houden van een vliegtuig nu eenmaal heel veel geld kost. Dus je moet die jongens en meisjes ook op het gebied van human factors goed voorbereiden.”


Meer dan ‘beginnend beroepsbeoefenaar’

Peter werkte zelf dus als grondwerktuigkundige. “Ik weet wat het inhoudt. Ik weet waarmee je wordt geconfronteerd. Ik wil die jongens en meisjes zo goed mogelijk voorbereiden. Het is dan moeilijk als anderen daar anders over denken en zeggen: ‘Nee, dit is een opleiding tot beginnend beroepsbeoefenaar.’ Da’s hartstikke leuk, maar ik denk dan: ze komen straks in een wereld terecht, waar je als beginnend beroepsbeoefenaar tekortkomt, want je wordt voor de leeuwen gegooid. Alles wat we ze hier méér kunnen meegeven dan ‘beginnend beroepsbeoefenaar’ is meegenomen. Daar doe je de jongens en meisjes een groot voordeel mee.”


Op tafel liggen een paar uitgeprinte vellen papier en een boek. Peter is voorbereid naar het interview gekomen, want hij wist dat er gevraagd zou worden naar zijn verbinding met de AM&TS. “Mijn verbinding is dat ik hier op school veel functies vervuld heb en dat ik directeur was . In 1999 begon ik met het omturnen van de Fokker bedrijfsschool naar Part 147. Maar Fokker deelde me rond 2002 mee: ‘Alles leuk en aardig, meneer Van Heijst, dat u daarmee bezig bent, maar het gaat slecht met Fokker. De bedrijfsschool kost veel geld terwijl het niet een van onze core business is. Dus we willen die school eigenlijk gaan sluiten.’”

Peter van Heijst


“Ik hield de deurkruk vast, want ik dacht: die meneer gaat me toch vertellen dat ik het pand moet verlaten.”

Met de deurkruk in de hand

De school had toen nog vier jaar verplichtingen aan leerlingen die net waren begonnen aan hun opleiding. Peter is toen op zoek gegaan naar een mogelijkheid om de school toch te kunnen laten voortbestaan. Peter pakt de printjes erbij. “Toen heb ik in 2004 - ik heb het briefje hier nog liggen - het allereerste contact gehad met de heer Teerlink, toentertijd directeur van ROC West-Brabant Markiezaat College. Ik heb hem voorgesteld om de Aircraft Maintenance & Training School over te nemen en toe te voegen, want ze deden binnen het Markiezaat College toch al technisch onderwijs.”

Alsof het gisteren was vertelt Peter met een twinkeling in zijn ogen verder. “Terwijl ik dat vertelde, hield ik de deurkruk maar vast, want ik dacht: die meneer gaat me toch vertellen dat ik het pand moet verlaten, maar zowaar deelde hij me mede dat ze er wel eens over na zouden denken.”


‘Parel in de kroon van het ROC’

Uiteindelijk werd de AM&TS in 2009 ingelijfd bij ROC West-Brabant. De Part 147-erkenning bleef intact. Dat is het jubileum dat we dit jaar vieren: tien jaar AM&TS met Part 147-onderwijs in haar huidige hoedanigheid. “Voor mij voelde het wel alsof we onze zelfstandigheid verloren. Destijds noemde Rob Franken, de voorzitter van de raad van bestuur, de AM&TS ‘de parel aan de kroon van het ROC’ en dat is het ook. Nu wordt de school te veel - vind ik, maar anderen vinden dat van niet - getrokken richting een normale mbo-school. Maar de Part 147-opleiding is een niveau 5-opleiding; dat zit tussen mbo en hbo in. Zeker de jongens en meisjes die hier als Part 147 afstuderen, moeten hier ook met een dusdanig diploma de deur uitgaan. Dat had ik in mijn tijd nog graag voor elkaar gekregen. Dan geef je die jongens en meisjes die een Part 147-diploma halen het diploma waar ze recht op hebben.”


Van losse stencils naar gebundelde modules

Het is even stil. De uitgeprinte correspondentie wordt opzij gelegd. Met een klap legt Peter een boek op tafel. “Dit hebben we ook voor elkaar hebben gekregen. Wat is dat? Dat zijn de Jeweka-boeken. Toen ik hier begon, bestond het lesmateriaal uit losse boekjes, stencils, papieren. Met de overgang naar Part 147 zeiden we tegen de docenten: ‘Jongens, we zetten achttien mappen op een plank. Jullie mogen die mappen gaan vullen met de lessen die jullie geven en met het materiaal dat je hebt.’ Toen dat klaar was en we feedback hadden verzameld van andere docenten uit het hele land, vonden we een uitgever die de modules wilde uitgeven. En dit is het eerste exemplaar dat toen is uitgegeven: module 7. Daar ben ik best trots op.”


Enkele studenten op de gang verbreken een stilte die Peter bewust - in mijmering - laat vallen. “Wat ik in een zin aan de huidige studenten wil meegeven?” vraagt Peter. “Denk goed na over hetgeen je doet. Dat geldt voor de praktijk, maar ook als je aan het werken bent, of als je besluit om verder te leren, of als je wilt doorgaan op het hbo. En realiseer jezelf dat je altijd een back-up hebt. Dat als je het niet vertrouwt, als je het niet weet, als je het niet kunt, dat je altijd een stap terug kunt doen. Sommige processen en procedures verlangen dat ook. Zodra jij iets in elkaar zet, moet je een stapje opzij doen en vraag je aan je collega: ‘Piet,’ of ‘Jan,’ of misschien wel ‘Kees, kom eens, kijk het nog eens na. Beoordeel hetgeen wat ik heb gedaan. Pak het vast. Check of ik geen onderdelen over heb.’ Alles zit geborgd, beveiligd. Fenomenaal. Goed.”

“Het even een stap opzij doen en een ander je werk laten beoordelen. Dat is ook een gave, want er zijn er genoeg binnen het luchtvaartonderhoud die daar problemen mee hebben.”

Ja, hou mij op de hoogte!